Ontwikkeling

4 juli 2021 Door Marleen Samplonius-Ottens

Het lijkt gisteren.

Dat ik met twee meiden van dan allebei 2 jaar naar de peuterspeelzaal fiets. Tot dan toe ging de jongste weer mee naar huis, maar nu mag ze ook blijven.

Zolang mama er is, wil Heleen nog wel ergens mee spelen, maar zodra ik dreig te gaan, klemt ze zich aan mij vast.

Haar start was een moeilijke. De bevalling was volgens de gynaecoloog een trauma, zowel voor Heleen als voor mij. Daarna kwamen er nog de nodige obstakels. Heupdysplasie, op het randje van slechtziend en een kleine operatie aan de traanbuisjes.

Maar tegen de tijd dat ze 2 is, lijkt ze al heel veel achterstand te hebben ingehaald en breng ik haar vol vertrouwen naar de peuterspeelzaal.

Maar hoeveel vertrouwen ik zelf ook had en hoe goed de juffen hun best ook deden, Heleen bleef nagenoeg haar hele peuterspeelzaaltijd op 1 plek staan: bij de tussendeur waar ze in de andere groep naar haar grote zus kon kijken. Hoewel het raam van de tussendeur later was afgeplakt en zuslief al naar de basisschool was, bleef ze daar staan.

Pas tegen het eind van de peuterspeelzaaltijd kwam ze een beetje op gang. Vol verbazing vertelden de juffen over de foutloze score van de ‘toetsen’ die ze met haar hadden gedaan vlak voordat ze naar de basisschool mocht. Wat wijzelf al lang wisten, had ze daar toch nog even (één-op-één) laten zien.

Ik was erg benieuwd hoe het zou gaan op de basisschool. Of ze daar wel op gang zou komen en zichzelf wel zou laten zien.

In die tijd hoorden we ook dat een operatie aan de ogen niet nodig was en dat haar zicht zich steeds beter ontwikkelde. De glazen van de brillen konden steeds een beetje minder sterk. Ook een ingrijpende operatie aan de heupen bleek niet meer nodig te zijn.

Onze jongste groeide.

En in de loop van de basisschool is ze verder gegroeid. Eerst in Appingedam en de laatste twee jaar in Assen.

We vonden het best spannend hoe het zou gaan op de nieuwe school en of ze in de nieuwe, grote groep (32 kinderen) aansluiting zou vinden. We hadden ons geen zorgen hoeven maken. Het ging prima. Sterker nog, het leek alsof ze hier nog meer haar draai kon vinden en zich nog sneller ging ontwikkelen dan ze voor ons gevoel al deed.

Ze groeide in sociale omgang, in haar creativiteit en ook in het aangeven van wat ze vooral níet leuk vindt. Net als de allereerste toets op de peuterspeelzaal, haalt ze ook op de laatste toets op de basisschool een prachtig resultaat. Het boeit haar niet. Bij de keuze voor het voortgezet onderwijs was al snel duidelijk dat we niet voor dezelfde school als haar zus hoefden te kiezen. Geen standaard opleiding met veel studiewerk, maar een school met maatwerk, waar ze op haar eigen niveau en in haar eigen tempo ook met haar creativiteit aan de slag kan.

In de laatste volledige schoolweek van haar basisschool, worden we gebeld: “Heleen is op de weg van school naar de sporthal, met een vriendinnetje weggefietst”. Als we haar zelf bellen, krijgen we gelukkig snel contact en we vragen haar terug naar school te gaan en zich te melden.

Lichamelijke Opvoeding, gymnastiek, sporten, het is niet aan haar besteed, ze heeft er altijd een hekel aan gehad. Als we haar vragen waarom ze er vandoor is gegaan antwoordt ze met een ondeugende lach: “Ik dacht: het is nu of nooit!”

Natuurlijk heb ik gezegd dat weglopen nooit een optie is en dat ze haar strafwerk terecht heeft gekregen, maar ondertussen ben ik gewoon supertrots. Ik zie nóg dat kleine meisje met haar mooie ronde, roze brilletje dat ik bij de deur van de peuterspeelzaal neerzette om haar een paar uur later nog op dezelfde plek terug te vinden. Ik heb me regelmatig afgevraagd waarom ik haar dat toch aandeed. En nu weet ik het.

Het was het begin van een prachtige ontwikkeling, die nog in volle gang is. De ontwikkeling van geen stap durven te zetten tot weglopen van de plek waar je zo’n vreselijke hekel aan hebt.

De ontwikkeling van een meisje dat deze week met haar klasgenoten als een jongedame op het podium gaat staan om te schitteren en te stralen in de eindmusical. Een moment waar ze heel veel zin in heeft. Geen podiumvrees meer, maar zelfs verlangend naar een grotere rol.

Hoe trots kun je zijn dat je naast zo’n meid mag lopen. Eerst nog zo stevig aan de hand, maar nu steeds vaker loslatend. Dat doe ik inmiddels vol vertrouwen. Zélfs of misschien wel dankzij die spijbelactie.