Kind zijn

18 maart 2021 Door Marleen Samplonius-Ottens

“Ik wil nu gewoon nog even genieten van mijn kind zijn”. Onze jongste (12) beredeneert waarom ze niet meehelpt met afwassen en waarom ze daar later geen problemen mee zal hebben. Vanuit de keuken schieten manlief en ik in de lach en opnieuw weten we er niets tegenin te brengen.

Toen we anderhalf jaar geleden het huis kochten waar we nu wonen, hadden we aanvankelijk het idee om de keuken te vervangen. Wie de brochure-taal van koopwoningen kent, heeft misschien genoeg aan de zin: het is een eenvoudige keuken. Dat betekent zoiets als, er zit een keuken in, maar dat is het dan ook.

Afgezien van het feit dat de kosten voor een nieuwe keuken wel wat veel zouden worden, bedachten we ook ineens, waarom zouden we dat doen. Het is misschien niet super-de-luxe, maar alles functioneert. Kastjes zijn nog goed en het zit allemaal nog netjes in de verf. Dus in onze meest duurzame bui besloten we om het allemaal zo te laten.

Tot op vandaag hebben we daar nog geen moment spijt van. Nou moet ik ook zeggen dat de keuken meer het domein van manlief is. Hij maakt daar dagelijks met veel plezier ons eten klaar en geniet zichtbaar van ‘zijn keukentje’, zoals we het wel eens noemen.

Er is één moment in de dag dat ik ook in zijn domein wordt verwacht: ná het eten. Want onze keuken heeft geen vaatwasser, dus wassen we gezellig samen af. Ik vind het één van de mooiste momenten van de dag. We praten een beetje bij, zingen soms wat en regelmatig schuift één van de kinderen aan op een kruk aan het barretje boven het aanrecht. Onze suggestie om ook even af te drogen of af te wassen, wordt dan lachend afgewezen.

We zouden natuurlijk gewoon een soort corvee-lijst kunnen maken en de taken wat verdelen, maar daar kiezen we niet voor. Over het algemeen doen we de afwas gewoon graag samen. Maar af en toe vragen we toch (eigenlijk tegen beter weten in), of er belangstelling is om bijvoorbeeld even af te drogen. Deze keer legden we het weer eens voor aan onze jongste. Uiteraard had ze geen belangstelling.

Ik zei dat het misschien toch een goede oefening zou zijn voor later, als ze nog eens een eigen huis zou hebben. “Oh, maar dat is geen probleem. Dan ga ik gewoon zelf afwassen. Alleen of met degene waarmee ik dan misschien samenwoon. Maar nu wil ik nog gewoon even genieten van mijn kind zijn!”      

Daar heb je toch niks tegenin te brengen?