Hulpverleners gaan en komen

3 december 2020 Door Marleen Samplonius-Ottens

Met een zucht leg ik de telefoon naast me neer. Zojuist las ik het eindverslag van één van onze hulpverleners. Ze heeft een nieuwe baan en draagt de zorg over aan een collega van een andere instantie in de gemeente waar we nu wonen. Vandaar een eindverslag van haar. Een verslag van de afgelopen twee jaar op papier (nou ja, in beeld) en dat is best veel.

Ze kwam binnen op een dieptepunt. Ruim twee jaar geleden inmiddels. Zoonlief weigerde nog naar school te gaan en had veel boze, soms agressieve buien, manlief was herstellende van zijn tweede burn out en ik had last van een flinke depressie, opnieuw of misschien wel nog steeds. De meiden reageerden op hun eigen manier. De één ging zoveel mogelijk de deur uit met vriendinnen, de ander kroop stil in een hoekje.

Er is veel gebeurd in die twee jaar en bijna altijd was onze ambulante gezinshulpverleenster, zoals het officieel heet, erbij. Ze was erbij toen we de meest moeilijke beslissing ooit moesten nemen, onze zoon uit huis plaatsen naar een zorgboerderij. Ze ging mee, ze luisterde mee en ze dacht mee. Samen met ons en vooral ook met onze zoon, zette ze de voors en de tegens op een rij. Ze hielp ons met de manier waarop we deze vreselijke beslissing met onze zoon moesten delen en was erbij om hem en ons te ondersteunen.

Ze leerde ons ook hoe je ouder op afstand kunt zijn. En hoe we ons gezinsleven opnieuw vorm konden geven, met door de week een andere samenstelling en in de weekenden zoonlief weer in ons midden. Altijd konden we ons verhaal bij haar kwijt. Soms hoefden we ook niet meer dan dat, maar soms was een goed advies meer dan welkom.

Ze was er ook toen er zorgen ontstonden over onze dochter. Ging met haar in gesprek en ook met ons en hielp ook daarin de goede instanties te vinden. Altijd op een manier die bij ons past. Soms gewoon in gesprek met een kop koffie, soms met de kinderen erbij met een spel om samen aan de praat te komen. En zelfs een keer mee etend om het lekkere eten dat man- en dochterlief vaak samen maken te proeven, maar ook om te ervaren hoe het er dan soms aan toe kan gaan.

En toen kwam de mededeling die we hadden kunnen verwachten, maar die we niet wilden horen: ze heeft een andere baan. Fantastisch voor haar maar voor ons best even slikken. Natuurlijk weten we dat ze bij ons komt omdat het haar werk is, maar soms kan dat ook zo anders voelen. Maar zo’n vertrek maakt dat dan helaas wel heel duidelijk.

Het is niet de eerste hulpverleenster die vertrekt. Sinds de komst van onze zoon, ruim 16 jaar geleden, hebben we nogal wat hulp over de vloer gehad of gingen we er naartoe. Het begon nog vrij eenvoudig met een fysiotherapeut, maar er kwam al snel van alles bij. Niet alleen voor onze zoon overigens, maar ook voor de rest van het gezin. Fysiotherapie, ergotherapie, video-hometraining, ondersteuning van Visio, kinderartsen en oogartsen, logopedie, intensieve psychiatrische gezinsondersteuning, verschillende psychologen en een flink aantal persoonlijke begeleiders.

Allemaal deelden ze in meer of mindere mate lief en leed met ons en ons gezin. En allemaal vertrokken ze op een gegeven moment en moesten we proberen weer een band op te bouwen met iemand anders. Tot nu toe is dat ook altijd wel gelukt, omdat we merken dat heel veel van die peuten en logen met passie hun werk doen. Dat het ze er alles aan gelegen is dat het goed gaat met de kinderen en dat het goed gaat in een gezin.

En daarom is het misschien wel zo moeilijk om afscheid te nemen. In ieder geval, valt het me nu best zwaar, zeker omdat we zoveel hebben meegemaakt en ze ons zo fantastisch heeft geholpen om te komen waar we nu zijn en we haar graag nog verder mee zouden willen nemen.

We nemen afscheid met een etentje bij ons thuis. Man- en dochterlief zullen samen koken. Mag ze nog één keer ervaren hoe het er dan aan toe kan gaan. Ik hoop eigenlijk op de manier zoals ze ons omschrijft in haar eindverslag: liefdevol.