Duurzaam

27 maart 2021 Door Henk Samplonius

“Het hoeveelste bed is dit”? Zo vroeg ik aan vrouwlief terwijl ik zuchtend en zwetend een poging deed om grip te krijgen op één van de delen van het nieuwe bed van onze zoon. Het was echt nodig, hij was er aan toe. Niet alleen omdat het bed piepte en kraakte maar meer omdat onze 16 jarige puber inmiddels de lengte van twee meter begint te benaderen waardoor het oude bed toch wat krap werd. Via een site op het onvolprezen Facebook waar gratis of bijna gratis spullen aangeboden worden kwam Marleen, die er plezier in heeft dit soort dingen uit te zoeken, een fraai bed tegen dat bij ons nog prima een tweede leven kan leiden èn, niet onbelangrijk, de juiste afmetingen heeft om onze puberreus een ontspannen nachtrust te laten genieten.

Het eerste bed was nieuw en duur. Het ledikant kochten we tijdens de eerste zwangerschap toen we nog een riant dubbel inkomen hadden. Daarna moesten we letterlijk en figuurlijk wat meer op de kleintjes gaan letten en kwamen de tweedehands bedden in zicht. Hoogslapers, laagslapers, eenpersoons-, tweepersoons-, houten- en metalen bedden, ze werden allemaal in onze oude Opel gestouwd. In het begin voelden we ons nog wel eens wat zielig omdat we diep in ons hart eigenlijk wel mooie nieuwe spullen wilden aanschaffen maar op een gegeven moment begin je er lol in te krijgen en wordt ook de kringloopwinkel regelmatig bezocht.

En zo kregen niet alleen bedden maar ook kasten, tafels, stoelen, rolgordijnen en zelfs orgels bij ons een nieuwe kans. Soms voor een paar tientjes, soms voor een tros bananen of wat een gek er voor vroeg. Af en toe werden de nieuw verkregen spullen voorzien van een likje verf maar soms was dat ook niet eens nodig. Het is een manier van leven geworden die bij ons is gaan passen en waar we ons meestal prima bij voelen. Nu alleen nog aan de kinderen uitleggen waarom dit zo leuk is. Zij vinden het namelijk veel leuker om alles lekker nieuw te kopen en in deze tijd lekker online te shoppen. Bij sommige zaken is dat vaak ook heel mooi maar vaak moet je voor nieuwe spullen een hoop geld betalen en dat hebben we niet altijd zo maar op de plank liggen. En door wat hergebruik werken we ook nog eens mee aan een wat meer duurzame wereld waarbij dingen niet weggegooid hoeven te worden maar nog een tweede of derde ronde mee kunnen.

Sinds kort maken we ook regelmatig gebruik van het concept “too good to go” waarbij je bij de supermarkt voor een klein prijsje levensmiddelen koopt waarvan de houdbaarheidsdatum bijna is verstreken. Ik heb er lol in om met die boodschappen, soms aangevuld met wat andere dingen, een gezonde en vooral goedkope maaltijd op tafel te zetten. Leuk en uitdagend om te doen want je weet nooit wat er in het pakket zit. Soms lekkere toetjes, broodjes, drankjes, vlees, groenten, enzovoort. Het is helemaal niet zo dat we onszelf nu op de borst willen kloppen omdat we zo “lekker duurzaam” bezig zijn. Het is, in eerste instantie, uit nood geboren maar nu een manier van leven geworden die bij ons past. Door de coronamaatregelen kan het nu niet doorgaan maar we zien al weer uit naar het maandelijkse “soepcafé” waar ook van ingrediënten die anders weggegooid zouden worden lekkere soepjes worden gemaakt die je voor een kleine bijdrage aan een goed doel mag komen meeëten. Ook de kinderen nemen we dan mee alhoewel die waarschijnlijk liever zouden vertoeven bij die grote gele M. Ze zijn er mooi klaar mee, met zulke “duurzame” ouders.