Argwaan

22 oktober 2020 Door Marleen Samplonius-Ottens

Sinds deze week is het definitief. Onze zoon (16) gaat verhuizen. Hij verlaat de zorgboerderij waar hij sinds anderhalf jaar verblijft en gaat naar een kleinschaliger woongroep, dicht bij ons in de buurt. We zijn er blij mee dat de knoop is doorgehakt en ook zoonlief kan niet wachten tot hij zijn intrek kan nemen in zijn nieuwe kamer. Nog voor het eind van deze maand kan hij verhuizen.

Zo’n verhuizing komt natuurlijk niet uit de lucht vallen.  We zijn er al een aantal maanden mee bezig om het voor elkaar te krijgen. Er gaan heel wat telefoontjes, mailtjes, bezoekjes en gesprekken aan vooraf. Dus als het dan zover is, valt er een soort last van je schouders. Vooral ook omdat we zagen dat zoonlief er aan toe was en de huidige situatie niet al te veel langer meer moest duren.

Met medewerking van een aantal mensen, van de gemeente en ook van de nieuwe woongroep, kan de verhuizing nu dus ook snel. Maar, dan moet er ook nog wat anders geregeld worden. Vervoer van en naar school. Onze zoon is aangewezen op taxi-vervoer omdat zelfstandig reizen nog een stap te ver is. Vanuit onze vorige woonplaats en ook vanaf de zorgboerderij is dat goed geregeld.

Dus ik mail (want telefonisch niet te bereiken) naar het leerlingenvervoer van onze gemeente, nadat ook onze indicatiesteller daar al een verzoek heeft neergelegd om contact op te nemen. Concrete vraag is of ze de regeling kunnen overnemen, die in de huidige gemeente (die waar de zorgboerderij staat) is afgesloten.  Al vrij snel word ik gebeld. Ik ben aan het werk, dus moet even omschakelen, maar dan ben ik er klaar voor.

“Dus, uw zoon verandert van zorgboerderij. Zomaar?” Eeh, die had ik niet zien aankomen. Zomaar? Nou nee, daar is nogal wat aan vooraf gegaan. Dan volgt er nog een spervuur aan vragen. Waarom hij niet op de fiets naar school kan, waarom hij niet in zijn nieuwe woonplaats naar school kan, waarom hij niet met het openbaar vervoer kan en ga zo maar door.

De toon van het gesprek bevalt me eigenlijk helemaal niet. Alsof ik verantwoording moet afleggen hoe ik het in mijn hoofd haal om leerlingenvervoer aan te vragen. Desondanks geef ik netjes antwoord en uiteindelijk zegt de dame in kwestie dat ze me een aanvraagformulier zal toesturen. Daarna moet het nog wel intern worden besproken en ze kan al helemaal niet garanderen dat áls ze besluiten tot het toestaan van taxi-vervoer dat dat dan direct vanaf november al in kan gaan.  

Terwijl ik de telefoon uitdruk, zeg ik hardop: “met dank aan alle mensen die in het verleden misbruik hebben gemaakt”. Tenminste, veel anders kan ik de argwanende houding van deze mevrouw niet verklaren. Ik kan er boos om worden of verdrietig, ik kan nog eens drie keer zuchten, maar het is nu eenmaal zo. Dus ik vul later alle papieren naar waarheid in en blijf goede hoop houden dat onze zoon straks ook vanaf zijn nieuwe woonplek naar school en stage wordt gebracht.

We hebben ook nog een andere voorziening via de gemeente bij de huidige zorgboerderij: de driewielfiets….. Ik ga nog even nadenken hoe ik dat ga aanpakken.